Bescheiden geslacht van karpers uit de familie van de ➛Danionidae, met 3 soorten.
Weinig opvallende vissen uit zuidelijk Azië, nauw verwant aan ➛Laubuka. Het langwerpige lichaam heeft vlakke, hoge zijden en is min of meer spoelvormig, waarbij rug- en buiklijn vanaf de rugvin inwaarts gebogen naar de staart sterk versmallen. Vinnen afgerond en kleurloos. Aarsvin lang, met een hol gebogen rand. V-vormige staart. De spitse kop heeft een wat bovenstandige bek, wat duidelijk maakt dat het dieren uit de hogere ➛waterlagen betreft. ➛Baarddraden ontbreken.
Levendige ➛scholenvissen die zich pas op hun gemak voelen met minimaal acht soortgenoten. Kunnen op schuwe soorten een intimiderend effect hebben, daarom liefst met andere, eveneens robuuste dieren combineren. Weinig kieskeurige dieren wat de aquariumopzet betreft. Een dichte beplanting kan voor schuilgelegenheid zorgen, om de laagste in rang te ontzien. Gedempt licht en een donkere bodem, eventueel met herfstbladeren hebben een gunstig effect.
Ook wat betreft voedsel weinig kieskeurig, zolang het dierlijk voedsel aangaat worden zowel ➛levend, ➛diepvries- als ➛droogvoer gegeten.

Verspreid van Pakistan tot in Bangladesh, mogelijk ook Myanmar. Meest algemeen in de Ganges en Brahmaputra in India, Nepal en Bangladesh.
Lengte tot 5 cm.
Vorm als bij de geslachtsbeschrijving. Kloeker gebouwd dan de andere soorten. Lichaam transparant zilverwit, soms met een kobaltblauwe weerschijn op de onderste helft van het achterlichaam. Vrouwen met een rondere buiklijn en geliger van kleur.
Verzorging en gedrag als vermeld bij het geslacht.
Geschikt voor aquaria vanaf 100 liter.
Temperatuur: 18 tot 24° C
Geen kweekresultaten bekend.
Kopen: ok.
Chemische stof die onder andere metaalionen kan binden. Daarmee wordt verhinderd dat dit ion met iets anders kan binden.
Neem bijvoorbeeld ijzerionen. Deze zijn er in twee smaken: Fe²⁺ en Fe³⁺, twee- en driewaardig ➛ijzer. Zouten met Fe²⁺ lossen goed op, die met Fe³⁺ vrijwel niet. Als de Fe²⁺ aan een seridofoor, een natuurlijk chelaat wordt gekoppeld blijft deze in oplossing en beschikbaar voor planten. Die maken deze chelaten zelf aan, zowel vanuit de bladeren als uit de wortels. Zo kunnen ook ➛zware metalen in de bodem onschadelijk worden gemaakt. Dergelijke natuurlijke chelaten komen ook veel voor in ➛humus.
Dit wordt ook veel toegepast bij ijzer in ➛plantenvoeding, met de veelgebruikte kunstmatige chelaat EDTA of DTPA. Ook worden deze chelaten gebruikt in waterverbeteraars, om zware metalen in kraanwater te binden.