nuttalliiBereik van paginaNymphaea glandulifera

nuttállii

= naar de Britse botanicus Nuttall.

➛Elódea

Nyasameer

➛Malawimeer

nýererei

= naar de Tanzaniaanse president Nyerere.

➛Pundamília

Nympháea

= waterlelie.

Groot geslacht van waterplanten uit de familie van de ➛Nymphaeaceae. Dit geslacht bevat ruim 50 soorten.

Grote planten waarvan meerdere soorten goed zijn te houden in het aquarium. Deze komen wereldwijd voor in ondiep water met veelal geringe stroming en veel zon. Na aanvankelijk submerse, papierdunne bladeren te vormen gaan de planten uiteindelijk over op steviger ➛drijfbladeren. Beide hebben hun nut en decoratieve waarde. Drijfbladeren kunnen echter veel licht voor de overige planten wegnemen. Als drijfbladeren ongewenst zijn, kunnen deze zonder problemen worden verwijderd, waarna de plant doorgaat met nieuwe submerse bladeren. De meeste soorten vormen een knol voor moeilijke tijden, die met een korte steel aan het rozet is verbonden. Worden beide gescheiden, dan vormt de knol een nieuwe plant en andersom. Sommige soorten vereisen jaarlijks een ➛rustperiode.

Planten voor grotere aquaria. De submerse bladeren zijn soms ragdun en daarmee kwetsbaar. De meeste soorten waarderen een bolletje klei in de bodem. Over het algemeen snelle groeiers.

Vermeerderen als de overige familieleden. Een succesvolle methode is het wegknippen van de oudste bladeren tot er drie over zijn. Als dit enige tijd wordt volgehouden blijven de planten klein en gaan meerdere uitlopers maken.

Het geslacht is bekend om de grote bloemen met één of meer kransen van 8 tot ruim 30 bloembladen, drijvend of op een steel even boven het water. Deze zijn overdag gesloten en openen 's avonds. Van vele soorten zijn meerdere cultivars verkrijgbaar.

Moeilijkheid 2 (0-3)

gardneriána

Planchon 1852

Inheems op Cuba en Zuid-Amerika, maar ontbreekt langs de landen langs de westkust en grote delen van Argentinië.

Bladeren in de regel vrij klein, wat langwerpig tot neigend naar pijlvormig, soms voor meer dan de helft tot de steel ingesneden. Jonge bladeren gelig met vaak donkerrode vlekjes en een roodbruine glans, vooral nabij het hart. Oudere bladeren groener. Bloemen helder wit.

Hoogte tot 25 cm, breedte tot 40 cm.

Een zelden gehouden plant, die ook nauwelijks wordt aangeboden. Er zijn meerdere varianten in omloop, waarbij de 'Santarem' het hel jaar door groeit. Er zijn echter ook exemplaren die een rustperiode ingaan en alle blad en wortels laten afsterven tot enkel de knol overblijft. Na meerdere maanden loopt deze echter weer uit. Bij stroming blijven bladeren kleiner.

Geschikt voor aquaria vanaf 100 liter.

Temperatuur: 24 tot 28° C

pH: 5-7   dH: 4-12   fH: 7-21   ppm: 70-200

Moeilijkheid 1 (0-3)

glanduliféra

Rodschied 1794

Afkomstig uit Midden-Amerika en het noorden van Zuid-Amerika.

Groeiwijze als bij het geslacht en familie beschreven. Heldergroene bladeren, met wijd gegolfde randen. Bladoppervlak vaak bobbelig. Witte bloemen.

Nymphaea glandulifera
Nymphaea glandulifera

Hoogte tot 25 cm, breedte tot 40 cm.

Een weinig eisende plant die goed in aquaria is te houden. Vraagt wel meer licht dan de gemiddelde waterlelie.

Geschikt voor aquaria vanaf 100 liter.

Temperatuur: 20 tot 28° C

pH: 6-8   dH: 0-12   fH: 0-21   ppm: 0-200

Een weinig aangeboden soort.

Margevuller