BatrachiumBereik van paginaBeaufortia kweichowensis

Batráchium

➛Ranunculus

batráchus

= kikker.

➛Asterophysus

➛Clárias

B.B.A.T.

= Belgische Bond voor aquarium- en terrariumhouders.

BBAT
In 1949 opgericht samenwerkingsverband van 15 Belgische aquariumverenigingen in de vorm van een vzw, een vereniging zonder winstoogmerk. Dit aantal werd hetzelfde jaar met nog eens 12 verenigingen versterkt. Naast hulp bieden bij het oprichten van een vereniging worden onder meer het tijdschrift 'Aquariumwereld' uitgegeven, lezingen gegeven, tentoonstellingen en een ➛website verzorgd. Momenteel zijn ongeveer 50 verenigingen aangesloten.

beaufórti

= naar de Nederlandse bioloog De Beaufort.

➛Syncróssus

Beaufórtia

= naar Nederlands ichtyoloog De Beaufort.

Geslacht van karpers uit de familie van de ➛Gastromyzontidae. Dit geslacht bevat meer dan 10 soorten.

Steenkruipers uit China en Zuidoost-Azië. Vier soorten worden vrij zelden aangeboden. Deze kenmerken zich door een langwerpig lichaam met een brede kop. Ogen hooggeplaatst. De buikkant is geheel plat, enkel de ruglijn is gewelfd. Borst- en buikvinnen zijn dusdanig vergroeid dat ze in combinatie met de buik een grote zuignap vormen. Ze zijn halfrond en staan zijdelings enigszins neerwaarts van het lichaam af. Met het beweeglijke achterste deel van de borstvinnen wordt een onderdruk gevormd. Daarmee plakken ze stevig tegen de ondergrond en kunnen zich daarmee ook in sterke stroming handhaven. De onderstandige bek bevindt zich kort achter de snuit. Het achterste deel van het lichaam is in doorsnede rond en loopt slank toe, met een scheef driehoekige staartvin.

Het geslachtsonderscheid is vooral van bovenaf te zien: mannen hebben een abruptere knik tussen de smallere snuit en borstvin, waar deze bij vrouwen vrijwel in elkaar overgaan.

Subtropische vissen, die langdurig hogere temperaturen niet goed verdragen. Daarom niet zonder meer met alle gezelschap te combineren. Bij kamertemperatuur te houden, 's winters bij voorkeur koeler. In de natuur leven de dieren boven een bodem van zand, grind en keien; planten ontbreken. Zuurstofrijk water is van belang. Flinke stroming draagt bij aan het natuurlijk gedrag, maar is niet van levensbelang.

Alleseters met een sterke voorkeur voor ➛plantaardig voedsel. In de natuur worden vooral algen afgeschraapt, waartussen zich ook kleine ongewervelden bevinden. Pas wel op met een te groot aandeel eiwitrijk ➛dierlijk voer.

Van kweken is het bij geen enkele soort tot dusver gekomen.

De bestaansreden voor dit geslacht wordt voornamelijk door ➛DNA-onderzoek ondersteund. Van enkele soorten is de plaatsing nog niet zeker. Deze worden in de toekomst mogelijk onder een ander geslacht geplaatst, zoals Protomyzon of ➛Sewellia.

Moeilijkheid 1 (0-3)

kweichowénsis

Fang 1931

Inheems in het stroomgebied van de Zhu jiang rivier in het zuiden van China in de provincie Guizhou, maar ook de kustprovincies Guangxi en Guangdong, ten zuiden daarvan. Altijd in ondiep en snel stromend, zuurstofrijk water.

Beaufortia kweichowensis
Beaufortia kweichowensis. © ➛LVDIAN

Lengte tot 7,5 cm.

Lichaam volgens de geslachtsbeschrijving. Kleur geheel licht bruingeel, met een fijn, regelmatig patroon van zwartbruine vlekjes. Vinnen grotendeels transparant, met zwartbruine dwarsstrepen. Borst- en buikvinnen met een vlekkerige, zwartbruine rand.

Verzorging, gedrag en kweek als vermeld bij het geslacht.

Geschikt voor aquaria vanaf 70 liter.

Temperatuur: 15 tot 24° C

Deze in de handel meest algemene soort wordt geregeld aangeboden als B. leveretti.

Kopen: ok.

Margevuller