Een samenvattend begrip dat, ondanks dat het gedurende enkele decennia aan slijtage onderhevig is geweest, weer geleidelijk terrein wint. Het behelst vooral het evenwicht tussen meerdere tegengestelde processen, zoals ➛assimilatie en ➛dissimilatie; ➛CO₂-afgifte en -opname; kringlopen van stoffen, zoals die van ➛stikstof en ➛koolstof; en kringlopen van afval- en voedingsstoffen in het algemeen.
Een stabiele balans is te herkennen aan stabiele waterwaarden, ook over een langere termijn. Elk aquarium heeft vroeg of laat echter ➛onderhoud nodig om een eventueel verstoorde balans te herstellen. Die kan zich uiten in een onaangename of afwijkende geur, verzurend water, een algenexplosie of stagnerende plantengroei.
In de afgelopen decennia is het aquariumhouden geleidelijk aan steeds meer met ➛techniek verrijkt Met techniek en intensief onderhoud. Dit is een veel geadviseerde en toegepaste methode, waarbij de ontstane onbalans door ingrijpen telkens wordt hersteld: met ➛waterwissels, ➛bodemvuil afhevelen, planten bemesten, onder andere met CO₂, en ➛onthard water. Met een minimum aan onderhoud en hulpmiddelen. Door het laten liggen van bodemvuil en het koesteren van oud water blijft de concentratie ➛DOC op peil en is CO₂-bemesting minder noodzakelijk. Water met een neutrale ➛zuurgraad en gemiddelde hardheid is geen probleem, eerder wenselijk. Op een enkele uitzondering na gedijen planten en dieren daarin prima, hoewel lang anders is beweerd.
Klein geslacht van karpers uit de familie van de ➛Cyprinidae. Het bevat 2 soorten.
Grotere, in scholen levende karpers uit brede rivieren en meren in Zuidoost-Azië, met een vrij langgerekt lichaam met platte zijden. Ruglijn betrekkelijk hoog. Meer kenmerkend nog is de, ondanks de spitse kop, afgeronde, vlezige bovenlip van de laaggeplaatste, eindstandige bek, met een beduidend kleinere onderlip. Behalve de borstvinnen zijn alle vinnen aan de achterzijde voorzien van een opvallende, brede zwarte rand. Ook de voorzijde is wat donker, waardoor de vinnen opvallende driehoeken vormen. Het lichaam zelf is zilverglanzend geschubd.
Felle, maar toch vreedzame vissen die bij voorkeur in een groep van acht of meer dieren zijn te houden. Houdt rekening met flinke groei; aangeboden worden alleen jonge dieren die variëren tussen de 5 en 10 cm.
De inrichting vraagt weinig specifieke aandacht. Meer eisen worden gesteld aan de waterkwaliteit, zorg voor helder en zuurstofrijk water met liefst flinke ➛stroming. Zorg voor voldoende zwemruimte, maar hier en daar wordt dichte begroeiing ook gewaardeerd voor eventuele rustmomenten. Sluit het aquarium zorgvuldig af: de vissen zijn kundige springers. Vermijd al te schuwe medebewoners.
Als voedsel kan een breed palet aan ➛dierlijk en ➛plantaardig voedsel worden aangeboden. Ook al te kleine vissen kunnen als maaltijd eindigen. De bekgrootte geeft een indicatie welk formaat veilig is.


Lengte tot 20 cm.
Zie de beschrijving van de vorm bij het geslacht. Vinnen rood transparant, schubben meer goudgeel. Ook de snuit is korter, en de aars- en buikvinnen minder zwart.
Verzorging en gedrag als bij het geslacht vermeld. Deze soort is meer geschikt voor de huiskamer, maar wordt vrijwel nooit aangeboden, in tegenstelling tot B. melanopterus.
Geschikt voor aquaria vanaf 500 liter.
Temperatuur: 22 tot 28° C
De kweek is nog niet gelukt.
De soort is ernstig bedreigd in het wild, mogelijk uitgestorven. De soort werd een feit na zorgvuldige studie van bestaande gegevens, nadat het geslacht voor ruim een eeuw als ➛monotypisch werd beschouwd.
Kopen: nee.