RyobokuSaccodon dariensis

Ryóboku

= Drijfhout, wrakhout.

Japanse stijlvorm waarbij het gebruik van ➛hout de boventoon voert. De stijl is een verdere verfijning van ➛aquascaping.

In de regel wordt maar één soort hout gebruikt om een onrustig beeld te voorkomen. Ook stenen worden wel gebruikt, maar zeer spaarzaam. Toepassing van mos, vastgehecht aan het hout, versterkt de indruk van natuurlijkheid en vergankelijkheid. Niet ongebruikelijk is het om hout boven water uit te laten steken.

De bedenker Takashi Amano onderscheidde binnen deze stijl drie vormen: centraal met opwaarts naar buiten gerichte takken; lateraal, waarbij takken aan de zijkant worden geplaatst, met naar het centrum gerichte uiteinden; en V-vormig, met aan beide zijden geplaatst hout, waarbij het centrum vrij blijft en diepte ontstaat. Andere varianten zijn natuurlijk mogelijk.

S

S

Zwavel

sábanus

= van Sabah.

Brachygóbius

Sáccodon

= met een zak om de tanden.

Klein geslacht van karperzalmen met 3 soorten uit de familie van de ➛Parodontidae.

Langwerpige, neutraal gekleurde bodemvissen met een vlakke buiklijn en een bij de kop gewelfde ruglijn, te vinden tussen Panama en noordwest Peru. De overigens ronde vissen zijn naar de staart toe zijdelings meer afgevlakt. De kop is stomp met een eindstandige bek. Borst- en buikvinnen staan laag en vrijwel horizontaal. De rugvin staat op het hoogste punt op de rug, de staartvin is gevorkt. De borstvinnen worden als steun bij rust gebruikt.

Als alle leden van de familie is uiterlijk alleen aan de vetvin de relatie met de karperzalmen terug te zien. De vissen leven in betrekkelijk koel en helder water uit bergbeken. Ze leven van algen en wat daartussen zit aan dierlijk leven, aanwezig als ➛aufwuchs op de rotsbodem. Van alle drie de soorten is nog slechts één mondjesmaat tot de aquariumwereld doorgedrongen.

In het aquarium zijn het vreedzame dieren, geschikt voor andersoortig gezelschap, zolang deze geen problemen hebben met een stevige ➛stroming, die door deze vissen wordt gewaardeerd. De inrichting kan sober, met een bodem van zand, gemengd met verschillende grindsoorten en rolstenen. Als beplanting is het bij deze planteneters aan te raden robuuste soorten te kiezen, zoals ➛Aquarius, ➛javavaren of ➛Anubias.

Als voedsel kan hoofdzakelijk allerlei plantaardig voer dienen, bij voorkeur algen, maar ook groenvoertabletten, kleine kreeftachtigen en muggenlarven.

Geen van de soorten is tot dusver in het aquarium nagekweekt.

dariénsis

Meek & Hildebrand 1913

Inheems in Panama ten oosten van het Panamakanaal en het noorden van Colombia, in snel stromende beken met ➛periphyton overgroeide stenen.

Saccodon dariensis
Saccodon dariensis. © F. Wang

Uiterlijk als vermeld bij het geslacht. Beigewitte vissen met een donkerbruine tekening van twee onregelmatig onderbroken lengtestrepen met daarboven een doorlopende streep met regelmatige, bredere vlekken. Vanaf deze vlekken lopen dwarsbanden over de rug, die verder is bedekt met een nettekening. Het geslachtsonderscheid is nog niet vastgesteld.

Lengte tot 13 cm.

Verzorging, gedrag en kweek als bij het geslacht omschreven.

Geschikt voor aquaria vanaf 180 liter.

Temperatuur: 23 tot 30° C

pH: 6-7   dH: 4-18   fH: 7-32   ppm: 70-300

Kopen: ok.